donderdag 14 februari 2013

Vishandel en vis venten via boot, tram of spoor

Niet alleen Zuiderzeevissers, maar ook zij die werkzaam waren in de nevenbedrijven van de visserij voelden de gevolgen van de afsluiting van de Zuiderzee. De ontwikkeling van de vishandel in Vollenhove was in het midden van de 19e eeuw begonnen. Daarvoor brachten de Vollenhover vissers hun vangsten vooral naar de markt van Genemuiden of verkochten hun waar op zee.
Voor de vishandel en visventers waren goede verbindingen met het achterland van groot belang. Spoorwegen en geregelde stoombootdiensten speelden hierbij een belangrijke rol. Jammer was dat de haven van Vollenhove totaal ongeschikt was voor het ontvangen van stoomboten. En Vollenhove had ook geen goede verbinding met het achterland, terwijl Blokzijl en Zwartsluis dat wel hadden. Om deze reden werd in 1863 aan de minister van Binnenlandse Zaken gevraagd om de nieuw aan te leggen spoorlijn Zwolle-Meppel via Vollenhove te laten lopen. En ook ontstonden eind negentiende eeuw plannen om een stoomtram Zwolle- Vollenhove- Blokzijl op te richten. Baron Sloet van Marxveld was hiervan een groot voorstander en stelde in een brochure dat de twee grootste vishandelaren van Vollenhove op dat moment bijna 230.000 kilogram vis per jaar uit Vollenhove verhandelden naar plaatsen buiten Vollenhove. De helft daarvan vond zijn weg via stoomboot vanaf Zwartsluis en Blokzijl. De rest werd per spoor verzonden, onder meer naar Antwerpen, Brussel en Parijs. Het zou echter nog tot 1914 duren voordat het eerste trammetje Vollenhove binnenreed en de handel vanuit die plaats makkelijker werd.


Op de foto: Visch- en palingrokerij H. Jongman aan de Oude Haven in Vollenhove. Op de voorgrond de bol VN 2 met botnetten drogend in de mast.

maandag 11 februari 2013

Gevolgen afsluiting Zuiderzee 1932

Het dichten van de Afsluitdijk had een grote verandering tot gevolg in het visserijbedrijf. Tot op dat moment volgden de teelten elkaar seizoensgebonden op. Van februari tot en met april werd de haringvisserij uitgeoefend, gevolgd door die van de ansjovis tot begin juli. Vervolgens ging je op paling vissen of op bot. De garnalenvisserij besloeg september tot en met november en in de winter viste je op spiering tot de paairijpe haring weer binnentrok.
De eerste jaren na de afsluiting leek de zee wel dood, zo weinig was er te vangen. Sommigen probeerden in de Waddenzee te vissen of stapten over op de palingdwarskuil en spieringvisserij in het IJsselmeer. Door de op korte termijn volgende inpoldering van de Noordoostpolder hadden de ambtenaren van de Rijksdienst begin jaren dertig in Vollenhove het meeste succes om visserszoons van boord te houden. Zij schoolden zich om tot ambachtsman of onderwijzer. Omdat er in die tijd ook voor onderwijzers geen werk was, kwamen de jonge visserszonen in allerlei functies terecht.

Op de foto afgedankte en gezonken vaartuigen in de Binnenhaven van Vollenhove. In geen enkele plaats langs de Zuiderzee tekenden de rampzalige gevolgen van de afsluiting zich zo duidelijk af als in Vollenhove.

vrijdag 8 februari 2013

Vollenhove huilt

Het jaar 1918 markeerde op twee manieren een belangrijk keerpunt in de Zuiderzeevisserij. Het einde van de Eerste Wereldoorlog bracht door de capitulatie van Duitsland en het tekenen van de vrede een einde aan de uitstekende oorlogsbesommingen. De export naar het failliete Duitsland kwam vrijwel stil te liggen en de totaalopbrengst van de Zuiderzeevisserij zakte van bijna 8 miljoen naar ruim 2 miljoen, terwijl de materiaalkosten amper zakten.
De afkondiging op 14 juli 1918 van de Zuiderzeewet was echter vele malen ingrijpender. Aanvankelijk bleven de vissers na deze afkondiging tamelijk sceptisch staan tegenover het slagen van de regeringsplannen. Vissers verlieten het bedrijf in 1920 en jaren daarna vooral tengevolge van de slechte verdiensten en de economische crisis. Het vertrek van deze beroepskrachten had verstrekkende gevolgen, want ook nevenbedrijven van de visserij ondervonden de weerslag van een verminderde werkgelegenheid.
De daadwerkelijke afsluiting van de Zuiderzee, de dichting van de Vlieter, het laatste gat in de Afsluitdijk, deed de laatste hoop op betere tijden verdampen.

Op de foto de Vollenhover vloot in rouw om de afsluiting van de Zuiderzee, met half gehesen vlaggen, 28 mei 1932.